Ze is een gesloten boek. Vastgeketend met kettingen en hangsloten.
Sommige zijn makkelijk te openen. Het eerste opende toen ze wist dat ze me kon vertrouwen en dat ik om haar gaf.
De meeste zijn moeilijker en bijna onmogelijk te openen. Geen enkele sleutel past en ze zitten zo strak dat ze proberen te forceren meer slecht dan goed zal doen.
Toch, bij elk slot dat opent, raken de resterende kettingen wat losser en kan ik het boek steeds een klein stukje openen. Net genoeg om één woord, één zin te lezen. Dat is wat me de moed geeft om verder te gaan met zoeken naar de sleutels van de andere sloten.
Ik heb nooit echt van lezen gehouden, maar dit is een boek waarvan ik nu al zeker ben dat ik het wil lezen.
Ik wil het lezen en koesteren en doorbladeren als ik me eenzaam voel.
Ik heb nog een lange weg te gaan.